De wereld klopt niet. Ik snap zo goed dat mensen langzamerhand steeds gekker worden. We worden van jongs af aan getraind om in hetzelfde rijtje te lopen als iedereen. We worden vanaf het moment dat we een peuterspeelzaal binnenstappen, gehersenspoeld met het idee dat we ergens bij moeten horen. Dat we mee moeten doen. Dat we beleefd moeten zijn en dat verdriet of boosheid minder leuk zijn om te zien dan vrolijkheid.

Vanaf het moment dat we geboren worden, staat er een handjevol medewerkers klaar om je te vertellen wat je eigenlijk nu al had moeten kunnen. Als een kind later is met lopen, als een kind later zindelijk is dan gemiddeld, dan is er een probleem. Als het kind terughoudend is in de klas, dan is er een probleem. En potverdorie als het kind te snel is met alles, dan is er óók een probleem.

We leven in een rare wereld.

Waarin er een duidelijke scheiding tussen normaal en abnormaal is. Gewoon en ongewoon. Goed en slecht. We zetten groepen kinderen bij elkaar en gaan dan analyseren welk kind het meest aanwezig is (typisch gevalletje ADHD, met wat ritalin komt het wel goed) en we kijken naar het kind dat het rustigste is (typisch gevalletje faalangst, even een assertiviteitstraining er tegenaan).

Alsof onze enige taak is om machines te produceren die niet te ver naar links of naar rechts hellen.

Het wordt nog mooier als je ouder wordt. Dan hoor je te weten ”hoe het moet”. Dat houdt in dat je gesprekken kunt voeren die van geen enkele waarde zijn, gewoon omdat dat wel zo aardig is voor de persoon die je na dat praatje nooit meer gaat zien. We leren dat je op tijd uit bed komt om geld te verdienen zodat je kunt blijven leven, dat je beleefd lacht naar iemand die een deur voor je openhoudt (ik heb zelf ook handen, ga weg) en dat je vooral heel veel moet meepraten met iedereen zodat je aardig gevonden wordt. En waarom je aardig gevonden moet worden? Dat hoort nou eenmaal zo. Punt.

Ik snap er niks van.

En met de komst van social media wordt nu niet alleen in real life duidelijk hoe jij in de maatschappij staat, maar ook online. Te zien aan het aantal volgers dat je hebt, het aantal reacties dat je krijgt, het aantal lezers van je blog (hallo mensen!).

Moeten we dit wel willen?

We vertellen kinderen dat ze mogen zijn wie ze willen zijn, maar daar is helemaal niks van waar. Ze mogen zijn wie ze zijn, maar ze mogen niet te veel opvallen. Ze moeten wel in dezelfde straat blijven lopen als de rest. We willen dat de kinderen presteren, maar ze mogen niet te veel presteren want dan zijn het geen kinderen meer. De ongelovigen hebben kritiek op de bijbel, maar hun lijnen tussen goed en slecht worden net zo willekeurig getrokken.

Ik begrijp net zo weinig van orde als van chaos. Ik praat dagelijks met tientallen mensen die ik nog nooit heb ontmoet. En tegen die mensen ben ik aardig. Ik open mijn mailtjes naar bedrijfspartners standaard met ‘hoe gaat het?’ terwijl ik het antwoord niet wil weten. Ik verschuil me achter een computer, waarop ik kan doen alsof ik heel sociaal ben. Want ik moet aardig gevonden worden, anders houdt alles voor mijn bedrijf op.

Ik heb leren lopen, leren praten, leren lezen en leren typen. En dat laatste heeft me gered. Ik besta ineens in de wereld, zonder dat ik daarvoor mijn huis hoef te verlaten. Mocht ik dat wel doen, dan ziet iedereen meteen dat ik per ongeluk in hun straat ben beland. En dat ik daar helemaal niks te zoeken heb.